Hoe ga jij verstandig om met een ‘ellendige’?

21

jan

Een ellendige – ken jij er één? Misschien wel. Het is vreselijk om iemand te zien lijden van wie je houdt. Ik weet het. Ik heb het ook gevoeld: het ongeloof dat erbij komt kijken. De vragen. Mijn moeder kreeg kanker en ze gilde van de pijn. Waarom zij? Waarom nou zij? Wat is het nut van deze pijn? Ik zag haar huilen op de rand van het bed. Ik huiverde.

Welzalig is hij die verstandig omgaat met een ellendige…
– Psalm 41:2a (HSV)

Maar hoe ter wereld doe je dat? Als het huwelijk van je broer kapot gaat – en je kan niks doen. Als je beste vriendin al twee jaar op de bank ligt door long COVID – en je kan niks doen. Als de buurvrouw zichzelf ophangt in de schuur – en je kan niks doen. Als jouw zus in stukjes uit elkaar valt omdat ze hoorde dat ze een miskraam had gekregen – en je kan niks doen.

Met je mond vol tanden

Je snapt het niet meer. Ik begrijp dat. Ik snap het ook niet meer. Ik voel me machteloos tegenover alle ellende in deze wereld. Zalig ben je als je verstandig omgaat met een ellendige. Maar ik sta met mijn mond vol tanden te kijken naar al het lijden, naar alle pijn die ik lees in de ogen van mensen die ik liefheb.

Ben jij een ellendige?

Een ellendige – misschien ben jij er één?

Vertel eens, wie of wat heeft jouw verwondt? Er is pijn waar ik niets van afweet. Maar als ik me probeer in te leven, oh lieve. Hoe moet het zijn om door je bloedeigen moeder in elkaar geslagen te worden zodat de blauwe plekken je tere huid vervullen?

Wat moet er door je heen gaan als de telefoon rinkelt en een stem aan de andere kant zegt dat je broer is overreden door een vrachtwagen? En je zakt door je benen, je wilt schreeuwen, je zou het hele dorp wel bij elkaar willen schreeuwen maar het enige wat je kan doen is kokhalzen?

En hoe moet het voelen als je jezelf in de spiegel aankijkt, en elke keer weer die vreselijke stemmen hoort van vroeger? Ze sissen dat je lelijk bent. Dik. Stom. Raar.

We zijn allemaal ellendigen

We kunnen doen alsof we onze zaakjes op orde hebben. Maar laten we elkaar vandaag eens eerlijk in de ogen kijken. Ik ben gebroken. Jij misschien ook. De wereld om ons heen is gebroken. En dat doet wat met ons.

We zijn allemaal ellendigen.

En ja, we kunnen conferenties bezoeken over thema’s als ‘houd vol’, we kunnen lijsten bijhouden en dankbare dingen opschrijven in de hoop dat we de ellende vergeten, we kunnen denken bij elke tegenslag aan iemand anders die het zwaarder heeft – maar eerlijk? Soms lukt dat me niet meer. Soms ben ik moe. Zo, zo moe. Soms wil ik gewoon mijn hoofd op iemands schouder leggen en fluisteren: ik voel me ellendig.

Hoe gaat God om met een ellendige?

Ik las het boek Mintijteer waarin Esther vertelt over haar broer Johannes van 23 die kanker krijgt. Drie maanden heeft hij nog te leven. En steeds weer maalde die ene vraag door Esthers hoofd: hoe ga ik verstandig om met een ellendige? En hoe gaat God ermee om?

In haar boek schrijft Esther eerst hoe ze dácht dat God met de ellendige omging: ze dacht dat Hij negeerde. Dat het Hem niets deed. Of dat Hij er zelf ook machteloos naar zat te kijken. Maar toen gebeurde er iets wat haar op andere gedachten bracht.

Want Johannes kwam tot geloof. Nadat hij naar God had geschreeuwd en nadat Esther hem op de knieën trok en nadat ze samen ‘het onze Vader’ baden, kwam Johannes tot geloof.

Dan schrijft Esther:

“En nu was het alsof God geen centimeter week van het kind dat Hij liefhad,
alsof Hij het geen seconde uit Zijn ogen liet,
alsof Hij zich had voorgenomen
de hele tijd
ononderbroken
niet een tel eerder
Zijn marteling aan het kruis op te geven,
dan dat die marteling bij Johannes voortduurde.
God bleef en bleef en bleef.
En in de tussentijd wendde Johannes zijn gezicht
en keek Hem aan –
en voor die momenten, voor die ontmoetingen heb ik geen woorden.”

God lijdt mee

Toen ik dit las dacht ik: ja, dat is het. Zo gaat God om met de ellendige. God hangt aan het kruis terwijl wij hier hangen aan onze kruisen. Hij kijkt naar ons en als wij ook naar Hem kijken, vindt er een ontmoeting plaats. Een ontmoeting met de God die mee lijdt.

God ondersteunt

Dat is ook wat David bedoelde toen hij verderop in psalm 41 schreef:

De Heere zal hem ondersteunen op zijn rustbank; als hij ziek is, maakt U heel zijn ziekbed anders.
– Psalm 41:4 (HSV)

David schrijft niet: God haalt zijn ziekbed weg. Maar het ziekbed verandert doordat de Heere ondersteunt. De Heere kan als geen ander ondersteunen. Hij was een Man die “lijden kende”. Hij keek niet weg van al het lijden in de mensenogen. Hij was de Man die erin zonk, erin verdronk.

Mee-lijden

Misschien begint verstandig omgaan met de ellendige, met mee-lijden. Misschien begint het met een simpel: ‘hoe gaat het met je?’ We hoeven geen antwoorden te geven of oplossingen aan te dragen. Want antwoorden hebben we niet. Nu immers kijken wij in een raadsel, staat er in 1 Korinthe 13. Maar ooit zullen wij zien van aangezicht tot aangezicht. Ooit zullen we begrijpen.

Mijn leven is een weefsel
tussen mijn God en mij.
Niet ik kies uit de kleuren;
heel doelbewust werkt Hij.
Soms weeft Hij er verdriet in
en ik, door onverstand,
vergeet: Hij ziet de boven,
en ik de onderkant.
Als ’t weefgetouw zal rusten
en de spoel niet meer schiet om,
zal God het doek ontvouwen
en verklaart Hij het ‘waarom’.

– Corrie ten Boom –

Aan de slag!

  • Vraag vandaag aan iemand: “hoe gaat het écht met je?”
  • Luister naar dit lied.

Corline Hoefnagel

Deel deze overdenking

categorie:

  1. Nadine schreef:

    Het lied kan je niet openen!

  2. Jacorien schreef:

    https://m.youtube.com/watch?v=tfrzpQs3rk4
    Ik denk dat dit de goede link is😊
    Mooie overdenking!

  3. Gea schreef:

    Dit kwam op het juiste moment, wat een mooie overdenking
    Dankjewel

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

© 2021 Zij Lacht | Alle rechten voorbehouden