Eerst zien, dan geloven

07

jun

‘Oké, ik moet even eerlijk zijn. Soms geloof ik er helemaal niets meer van. Soms twijfel ik aan alles wat ik denk te weten. God? Wie is Hij? Klopt het beeld wel dat ik van Hem heb? Heb ik Hem niet gewoon verzonnen? Houd ik mezelf niet gewoon voor de gek? Soms kan ik er helemaal niets meer mee. Ik vind geloven moeilijk. Ingewikkeld. Bijna onmogelijk. Om heel eerlijk te zijn: soms kan het me gestolen worden.’

Kan ik dit zo opschrijven? Mag ik deze dingen wel zeggen op een christelijk vrouwenblog? Moet ik niet juist een goed voorbeeld geven van een rotsvast geloof in God? Om daar vervolgens andere vrouwen ook toe op te roepen? Maar helaas is mijn geloof vaak niet rotsvast. Twijfel is onderdeel van mijn geloof. Lastig vind ik dat wel. Mag twijfel er wel zijn? Maar soms ben ik er ook blij mee.

Als er iemand is in de Bijbel die er vaak wordt bijgehaald als het gaat om geloofstwijfel, dan is het Tomas. Hij was een discipel van Jezus. Hij staat bekend als ‘de ongelovige Tomas’. Lekker dan. Moet je je voorstellen: dan kom je in het meest gelezen boek ter wereld terecht, en dan op zo’n manier! Maar deze naam heeft hij niet voor niets gekregen:

Tomas was er niet bij toen Jezus bij hen kwam. Hij was één van de twaalf leerlingen en werd ook wel Didymus (= ‘tweeling’) genoemd. De andere leerlingen vertelden hem: “We hebben de Heer Jezus gezien!” Maar hij antwoordde: “Ik geloof het pas als ik in zijn handen de wonden van de spijkers zie. Ik wil ze met mijn eigen vingers aanraken en ik wil met mijn eigen hand in zijn zij voelen.” (Johannes 20:24-25)

Drie jaar lang had Tomas intensief met Jezus opgetrokken. Hij had Jezus gevolgd en Hem wonderen zien doen. Hij had gezien hoe Jezus werd opgepakt, hoe Hij aan het kruis werd gehangen en stierf. Zijn meester, degene waarvan hij had verwacht dat Hij de wereld zou redden, was dood. Einde verhaal voor Tomas. Maar dan komen de andere discipelen hem vertellen dat ze Jezus hebben gezien. In levenden lijve! Tomas gelooft er niets van. Hij kan niet geloven dat degene die de discipelen hebben gezien Jezus zelf was. Hij wil bewijs. Alleen dan kan hij geloven. Alleen als ik Hem met mijn eigen ogen kan zien, alleen als ik met mijn handen zijn wonden kan aanraken, dan zal ik geloven.

Acht dagen later zaten Jezus’ leerlingen weer in het huis. Nu was Tomas erbij. Jezus kwam binnen, ook al waren de deuren dicht. Hij stond plotseling tussen hen in en zei: “Ik wens jullie vrede toe!” Daarna zei Hij tegen Tomas: “Kijk naar mijn handen en voel ze met je vingers. Voel met je hand in mijn zij. Wees niet langer ongelovig, maar geloof.” Tomas antwoordde Hem: “Mijn Heer en mijn God!” Jezus zei tegen hem: “Geloof je pas nu je Mij hebt gezien? Wat is het heerlijk als mensen die Mij niet gezien hebben toch geloven!” (Johannes 20:26-29)

De tweede keer dat Jezus aan Zijn discipelen verschijnt, is Tomas er wel bij. Nadat Hij hen heeft gegroet, richt Jezus zich meteen tot Tomas. Hij weet precies wat Tomas heeft gezegd. Hij weet precies welke bewijzen Tomas wil hebben om te kunnen geloven. Moet je eens letten op Jezus’ reactie! Hij zegt niet: zie je nu wel, dat de discipelen gelijk hadden? Waarom heb je hen niet geloofd? Hij zegt niet: Ik had het toch al verteld dat dit zou gebeuren? Waarom heb je Mij niet geloofd?

Jezus loopt direct naar Tomas toe en gaat in op de voorwaarden die Tomas zelf heeft gesteld. Hier zijn Mijn handen, raak ze maar aan. Hier is Mijn zij, raak Mij maar aan. Jezus veroordeelt Tomas niet. In plaats daarvan gaat Hij in op zijn ongeloof. Hij komt Tomas in zijn ongeloof en twijfel tegemoet.

Tomas is met stomheid geslagen. Hoewel Jezus hem de mogelijkheid geeft om Hem aan te raken, staat er niet dat hij dit doet. Het is alsof hij maar één ding uit kan brengen: Mijn Heer en mijn God! Nu beseft Tomas wie Jezus echt is. Nu ziet hij dat het beeld dat hij van Jezus had niet klopte. Dan roept Jezus hem op niet langer te blijven twijfelen. Hij roept hem op niet langer ongelovig te blijven, maar te geloven. Om te geloven, ook als hij het niet heeft gezien. Ook als hij geen bewijs krijgt. Jezus roept hem op te geloven op basis van vertrouwen in God.

Tomas’ geloof is menselijk. Het schiet te kort. Het heeft bewijs nodig. Het bestaat uit beelden die niet blijken te kloppen. Het is geloof waar twijfel onderdeel van is. Zijn geloof is herkenbaar. Ik ben zo blij dat mensen als Tomas in de Bijbel genoemd worden. Mensen die eerlijk zijn. Die zich niet beter voordoen dan dat ze zijn. Het is zo fijn dat Tomas zijn manier van geloven niet onder stoelen of banken steekt. Twijfel is namelijk niet iets waar je bang voor moet zijn. Of iets wat er eigenlijk niet mag zijn. Twijfel maakt geloven echt en eerlijk. Het is menselijk. Het hoort erbij, maar het is wel belangrijk hoe je ermee omgaat. Wat doe je met je twijfel? Krijgt het de overhand? Blijf je erin hangen of trek je anderen erin mee? Of ga je er mee naar God?

Dit is wat je kan leren van Tomas. Twijfel mag onderdeel zijn van je geloof. Je mag tegen God zeggen dat je geloven moeilijk vindt. Dat het beeld dat je van Hem hebt soms helemaal niet klopt. Dat je er af en toe niets meer van begrijpt.

Jezus veroordeelt niet. Hij komt tegemoet in twijfel en ongeloof. Hij roept je op om er niet in te blijven hangen. Hij roept je op om, ondanks je twijfels, te geloven. Niet op basis van bewijs, maar op basis van vertrouwen in Hem. Als je dat doet, zegt Hij tegen jou: Gelukkig ben je, als niet hebt gezien en als je geen bewijst hebt, maar toch gelooft.

Aan de slag!

  • Hoe zit het met jouw geloof? Heb je soms twijfel of moeite om te geloven? Spreek dit uit naar God. Wees er eerlijk over.
  • Luister naar de oproep die Jezus doet. Bid of Hij je wil helpen om te gaan met twijfel en te geloven op basis van vertrouwen.

 

Hadassa

Deel deze overdenking

  1. Wiedy schreef:

    Mooi. En heel herkenbaar.

  2. Bep schreef:

    Belangrijk onderwerp Hadassa, goed om aan te kaarten. Laatst hadden we daar een preek over nav Jacobus:6. Twee zinnen uit die preek heb ik opgeschreven als reminder voor als ik twijfel:
    1 geloof zonder twijfel is als een lichaam zonder weerstand.
    2: waar het vuur van geloof is, komt de twijfel je aanvallen. Zorg dat je gewapend bent, blijf in de buurt van medegelovigen.
    En zo is het…maar ook wat jij beschrijft over Jezus’ reactie op Thomas.
    Belangrijk om te onthouden…niet de moed verliezen. Hij weet welk maaksel je bent. Hij heeft ons toch zelf gemaakt en laat nooit los wat Zijn hand begon.
    Gezegende dag allemaal.

  3. Elja schreef:

    Wauw, dit had ik even nodig! Mooi stukje!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

In onze Facebookgroep met meer dan tweeduizend leden kun je je aansluiten bij een bestaande Zij Lacht Bijbelgroep of je kunt er zelf één starten! 

Wil je een bijbelstudiegroep starten?

De community

helemaal gratis!

Sluit je aan

© 2021 Zij Lacht | Alle rechten voorbehouden