God, hoe lang nog tot U wraak neemt? – Een les over boosheid, haat en wraak uit Openbaring 6  

Haat en wraak. Wij, christenen, doen er niet aan. Toch? Dat is tenminste wat ik altijd dacht. Haten is niet christelijk en wraak nemen mag al helemaal niet. Als goede christen behoor je lief te hebben en te vergeven. Wat er ook gebeurt. Wat mensen je ook aandoen. Totdat ik las in Openbaring 6. Over christenen die bidden om vergelding van bloed. Over God die op het punt staat om wraak te nemen. Niet echt het beeld dat ik op een doorsnee zondagochtend meekrijg. Maar dit gedeelte leerde me een belangrijke les over boosheid, haat en wraak.
Het boek Openbaring beschrijft verschillende visioenen. Het zijn profetieën die Johannes ontving van God. Aan de hand van beelden wordt er iets verteld over dat moment of over wat gaat komen. Eén van de visioenen lees je in hoofdstuk 4-8. Johannes mag een blik in de hemel werpen. Daar zit God op de troon. In Zijn hand heeft Hij een boekrol, die verzegeld is met zeven zegels. Deze boekrol kan niet zomaar geopend worden. Overal wordt er gezocht naar iemand die waardig genoeg is om hem te openen. Maar er is geen mens te vinden die daar waardig genoeg voor is. Totdat iemand naar Johannes toekomt om te zeggen dat er toch iemand gevonden is: het Lam. Hij heeft de overwinning behaald. Jezus blijkt waardig genoeg te zijn om de zegels los te maken en daarmee te laten gebeuren wat er in de boekrol beschreven staat.

Hoofdstuk 6 beschrijft vervolgens hoe het Lam één voor één de zegels opent. Elke zegel onthult een nieuw beeld. Er wordt steeds meer zichtbaar van wat er staat te gebeuren. De eerste vier zegels horen bij elkaar en onthullen elk een ander beeld. Dan wordt de vijfde zegel geopend:

Toen het lam het vijfde zegel verbrak, zag ik aan de voet van het altaar de zielen van al degenen die geslacht waren omdat ze over God hadden gesproken en vanwege hun getuigenis. Ze riepen luid: ‘O heilige en betrouwbare Heer, wanneer zult u de mensen die op aarde leven eindelijk straffen en ons bloed op hen wreken?’
(Openbaring 6:9-10, NBV)

Nadat de vijfde zegel wordt geopend, ziet Johannes een altaar. Je zou verwachten dat hij iets op het altaar ziet liggen. In plaats daarvan ziet hij iets onder het altaar: de zielen van degenen die geslacht zijn vanwege hun getuigenis. Johannes ziet martelaren, christenen die vervolgd zijn omdat ze van Christus hebben getuigd. Zij bevinden zich onder het altaar. Het is een beeld van Gods troon, waar ze bescherming onder vinden. Zo zijn ze heel dichtbij God. Deze martelaren schreeuwen tot God. Ze vragen of Hij wraak wil nemen op degenen die hen om het leven hebben gebracht.

Wat? Roepen zij dat echt tegen God? Bidden ze nu echt om wraak? Dat zou je toch niet verwachten! Christenen, die hun leven hebben gegeven voor God, bidden om wraak. Dat is toch niet echt wat je als christen behoort te doen?

Toch is dat precies wat ze doen. Ze vragen God of Hij wraak wil nemen op de mensen die hen hebben vermoord. Ze bidden Hem om te kijken naar wat hen is aangedaan en of Hij het recht wil zetten. Of Hij recht wil doen. God reageert op hun gebed:

Ieder van hen kreeg witte kleren. Verder werd hun gezegd nog een korte tijd geduld te hebben, totdat ook de andere dienaren, hun broeders en zusters die net als zij zouden worden gedood, zich bij hen gevoegd zouden hebben.
(
Openbaring 6:11, NBV)

God geeft de martelaren witte kleren. Een teken van vrijspraak en reinheid. Daarnaast zegt God hen dat ze nog een korte tijd moeten wachten. Eerst zullen anderen ook nog moeten lijden. Ze moeten wachten totdat alles gebeurd is wat er moet gebeuren. Dan zal God antwoord geven op hun gebed. Dan zal Hij wraak nemen op wat er zijn dienaren is aangedaan. Dan zal Hij de zaken op deze aarde recht zetten, maar wel op zijn tijd.

Het is een verwarrend gedeelte. Een God die wraak neemt. Christenen die om bidden om vergelding van hun bloed. In taal geschreven die we niet zomaar begrijpen. Hoewel we niet alles begrijpen en lang niet alles duidelijk wordt, kunnen we toch twee lessen uit dit gedeelte halen:

1. Deze tekst leert dat de wraak en vergelding niet aan mensen is, maar aan God. Hij is degene die het recht in handen heeft. Hij is de enige die écht rechtvaardig kan oordelen. Daarom roepen de christenen ook naar God. Ze noemen Hem: de heilige en betrouwbare. Want hoewel ze misschien niet weten hoe het zal verlopen, weten ze dat God goed en betrouwbaar is. Hij weet hoe Hij met het recht om moet gaan.

Je mag bidden om wraak voor het onrecht dat op deze aarde wordt gedaan. Om het onrecht dat jou wordt aangedaan. Je mag het onrecht in Gods handen leggen en het recht aan Hem overlaten. Hij is de enige die de zaken écht recht kan zetten.

2. God zal recht doen op zijn tijd. Hij zal rechtspreken op zijn manier. Hij zal wraak nemen op de tijd die Hij daarvoor heeft gesteld. Hoe verschrikkelijk het misschien ook klinkt. Want God is toch liefde? Misschien wel juist daarom kan Hij niet anders dan rechtspreken. Hij kan het onrecht van deze wereld niet zomaar voorbij laten gaan. Hij kan niet anders dan het rechtzetten. Hij vraagt ons om Hem daarmee te vertrouwen, ook als we het niet begrijpen. Ook als het niet gaat zoals we het zouden willen.

Dit gedeelte laat zien dat God het in de hand heeft. Dat het Hem niet uit de hand zal lopen. Dat Hij de betrouwbare rechter is. Nu zullen we nog moeten wachten, totdat alles recht gezet zal worden. Maar Hij zal het doen.

Aan de slag!

Bid mee met de martelaren. Er zijn zoveel plekken op de wereld waar enorm veel onrecht plaatsvindt. Bid ervoor. Voor recht. Of God wraak mag nemen. Of de tijd dat God dat zal doen snel mag komen. Of wij tot aan die tijd voor Hem mogen blijven leven. Vertel God ook wat je hier misschien moeilijk aan vindt of niet begrijpt.

Misschien is jou verschrikkelijk onrecht aangedaan. Dan hoop ik dat je dit ook bij God kunt brengen. Ik hoop dat je het gebed mee kunt bidden. Dat je troost in deze tekst en in dit gebed mag vinden. God zal recht doen, dat heeft Hij beloofd.

Als je er nog meer over te weten wilt komen, lees Openbaring 4-8 eens. Daar vind je het hele visioen waarin dit gedeelte staat.

Author: Hadassa

Hadassa neemt graag de tijd voor een kop thee en een goed gesprek, om een ander en God nog beter te leren kennen. Ze lacht van goede theologische boeken, een bord andijviestamppot en Vlaamse tv-programma’s. Ze is graag druk in de weer, maar kan goed ontspannen door te keihard te zingen of een legpuzzel te maken.

Leave a Comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

  • Mooi en duidelijk uitgelegd! Dankjewel! Zeker niet het makkelijkste Bijbelgedeelte om over te schrijven. Ik moest denken aan een preek waarin heel duidelijk werd uitgelegd dat God liefde is, maar niet in de zin van ‘lief doen’ zoals wij snel kunnen denken. God is liefde en daarom ook rechtvaardig waardoor Hij onrecht niet door de vingers kan zien. En het is inderdaad (gelukkig!) alleen aan God om te oordelen en recht te spreken.