Het is volbracht!

We zijn op weg naar Pasen en vandaag wil ik je alvast fast forward meenemen naar Goede Vrijdag, het moment waarop onze Verlosser zijn hoofd buigt. We lezen het hoogtepunt van het Evangelie.

17 Ze gingen naar de plaats die ‘Schedelplaats’ heet. In het Hebreeuws is dat ‘Golgota’. Jezus moest Zelf het kruis dragen. 18 Daar kruisigden ze Hem. Links en rechts van Hem kruisigden ze nog twee andere mannen. Zo hing Jezus in het midden. 19 Pilatus liet een bord maken en op het kruis vastmaken. Daarop stond: ‘Jezus van Nazaret, de koning van de Joden.’ 20 Veel Joden lazen dit bord, want de plaats waar Jezus werd gekruisigd is vlak bij de stad. Het stond er in het Hebreeuws, het Latijn en het Grieks op. 21 Toen zeiden de leiders van de Joodse priesters tegen Pilatus: “U moet niet schrijven: ‘De koning van de Joden,’ maar dat Hij gezégd heeft: ‘Ik ben de koning van de Joden.’ 22 Pilatus antwoordde: “Wat ik heb geschreven, verander ik niet meer.”

23 Toen de soldaten Jezus hadden gekruisigd, verdeelden ze zijn kleren. Elk van de vier soldaten kreeg een deel. Zijn onderkleed bleef over. Dat was uit één stuk geweven, zonder naad. 24 Ze zeiden tegen elkaar: “Het is zonde om dit onderkleed in stukken te scheuren. Laten we er om loten wie het hebben mag.” Zo deden de soldaten wat er in de Psalmen van tevoren was gezegd: ‘Ze hebben mijn kleren verdeeld en verloot.’

25 De moeder van Jezus, haar zus Maria (de vrouw van Klopas) en Maria Magdalena stonden ook bij het kruis. 26 Jezus zag zijn moeder staan. Zijn beste vriend stond naast haar. Toen zei Hij tegen zijn moeder: “Kijk, hij is voortaan je zoon.” 27 En tegen de leerling zei Hij: “Kijk, zij is voortaan je moeder.” Vanaf dat moment nam die leerling haar bij zich in huis.

Jezus sterft
28 Hierna zei Jezus, omdat Hij wist dat Hij nu alles had gedaan wat Hij moest doen: “Ik heb dorst!” Zo gebeurde wat van tevoren in de Boeken was gezegd. 29 Er stond een kruik met zure wijn. Ze doopten daar een spons in en staken die op een stok. Zo kon Hij van de spons drinken. 30 Toen Jezus van de zure wijn had gedronken, zei Hij: “Alles is gedaan!” En Hij boog zijn hoofd en stierf.
(Johannes 19: 17 – 30, BasisBijbel)

Wat moeten die laatste uren overweldigend en aangrijpend zijn geweest. Jezus werd geschopt en geslagen, van de ene heerser naar de andere heerser gesleept. Hij werd bespot en kreeg een doornenkroon op zijn hoofd. Hij werd gekruisigd, leed helse pijnen. In de andere evangeliën lees je ook over de drie uren dat het donker werd en God Hem verliet. Hij was alleen en moest het werk alleen voltooien. Het is niet voor te stellen door welke hel Hij ging.

Het is volbracht

Toen Jezus van de zure wijn had gedronken, zei Hij: “Alles is gedaan!” En Hij boog zijn hoofd en stierf. (Johannes 19:30)

Het is volbracht, eindelijk. Het is gedragen, verzoend, voltooid, klaar. Of zoals in de BasisBijbel zo mooi staat: “Alles is gedaan!” Er hoeft niets meer bij.

In de kanttekeningen van de Statenvertaling is bij deze tekst toegevoegd: “Namelijk alles wat Ik om de mensen met God te verzoenen lijden moest, en wat door de profeten daarvan tevoren gezegd is geweest.”

Het is maar een klein woordje, maar wat ik zo mooi vind aan de laatste woorden van Jezus, is dat Hij niet zegt ‘Ik heb het volbracht’ of ‘Ik heb alles gedaan’. Hij zegt: ‘Het is volbracht’ en daarmee laat Hij zien dat het niet om hemzelf ging, maar om onze redding.

Het is volbracht, er hoeft niets meer bij. We mogen hiervan leren dat we ons mogen laten inschakelen, maar dat we zelf niets meer hoeven toe te voegen om gered te worden. Het is al gebeurd en het is definitief. We hoeven onszelf niet meer te redden. De weg naar de Vader is open. We hoeven alleen de doorboorde hand van onze Redder aan te pakken. We mogen rusten in het volbrachte werk van Jezus.

U ging door de hel en ik mag naar huis

Een liedje dat bij mij elk jaar op repeat staat is ‘Goede Vrijdag’ van Matthijn Buwalda.

U liep de extra mijl
En stierf aan het kruis
U ging door de hel
En ik mag naar huis
U streed de zwaarste strijd
En toch hield U stand
Mijn leven ligt bevrijd in U doorboorde hand
Het is goede vrijdag
En ik mag naar huis

Wat een verlossing: Door zijn striemen ben ik genezen. We mogen naar huis, naar onze bestemming. We zijn koningskinderen en mogen een kroon dragen, doordat Jezus de doornenkroon voor ons droeg. Wat een liefde!

Aan de slag!

Luister het lied ‘Goede Vrijdag’ en laat het tot je doordringen. Zucht een aantal keer diep en fluister het een aantal keer tegen jezelf: ‘Het wordt Goede Vrijdag en ik mag naar huis.’

-> Is er iemand in jouw omgeving die dit lied kan gebruiken? Laten we als Zij Lacht-vrouwen dit lied vandaag met onze omgeving delen. Stuur deze overdenking of het lied naar een vriend of vriendin die het vandaag kan gebruiken!

Author: Inge Kooiman

Inge schrijft en fotografeert voor Zij Lacht. Ze is getrouwd en ze heeft haar eigen bedrijf als (bruids)fotografe. Zij Lacht van avondjes op de bank, met kaarsjes, een goed wijntje en kaasplankje. En dan vooral van het opeten ervan, van alle verschillende soorten heeft ze geen kaas gegeten. Inge geniet van muziek, wordt enthousiast van nieuwe ideeën en wordt stil van een prachtige zonsondergang: daarin ziet ze elke dag weer Gods enorme creativiteit.

Leave a Comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

  • Wil je weten hoe Jezus de laatste 18 uur heeft doorgebracht. Lees dan eens de 7 wonderen van het kruis , van Wilkin van der Kamp. (ook te lezen op youtube) Een prachtige voorbereiding voor Pasen.
    suuzend duizend maal o Heer, Zij u daarvoor dank en eer.